TEELTHANDLEIDING Ramos, Nederland

ALGEMEEN

Kruising: Agria x VK 69-491

Kweker: Van Rijn, Emmeloord

Ramos is een middenlaat ras (rijptijd 6,5) met een vroege knolzetting. De knollen zijn ovaal tot langovaal, geelschillig, vlakogig en lichtgeelvlezig. De loofontwikkeling is vrij traag, maar goed dekkend. De opbrengst en de sortering zijn zeer goed en het onderwatergewicht ligt gemiddeld net iets onder dat van Bintje. Het aantal knollen per plant is vrij hoog. De beste resultaten van Ramos zijn behaald op kleigronden van 15-60 % afslibbaar. De bakkwaliteiten van Ramos zijn uitstekend, ook na lange bewaring.


RESISTENTIES
 

AM
Wratziekte
Phyt.loof
Phyt.knol
Blauw
Rooibesch.
Schurft
RO 1 + pa2*
Resistent fysio 1
4
7
7,5
6,5
6,5

* Het ras geeft tevens 50-75% doding van Globodera pallida 2 (pathotype D)
Het ras is zeer weinig gevoelig voor doorwas.


PLANTAFSTANDEN / VOORBEHANDELING POOTGOED

Ramos heeft een vrij lange kiemrust. De voorkeur gaat uit naar het poten van de knollen in het witte puntjes stadium. Vanwege de rijptijd heeft de Ramos een kort groeiseizoen. Om deze reden wordt geadviseerd het ras pas onder gunstige omstandigheden te planten.
 
Pootgoedmaat 28/35 35/50 50/55 gesneden
Plantafstand Ca. 30 cm Ca. 35 - 37 cm Ca. 34 cm

Ramos moet een diepere pootdiepte hebben, wanneer mogelijk 1,5cm onder het maaiveld is gewenst. Een diepere pootdiepte gecombineerd met een goede hoge rugopbouw heeft bij Ramos een positief effect op het terugdringen van het aantal groene knollen.


BEMESTING
 
Stikstof : De stikstofbehoefte van Ramos is iets lager dan bij Bintje. Vanwege de vrij vroege afrijping wordt een grote hoeveelheid organische mest afgeraden en wordt geadviseerd de N-bemesting in twee keer toe te dienen.
Fosfaat: Volgens advies bodemonderzoek.
Kali: Volgens advies bodemonderzoek. Geadviseerd wordt om voorzichtig om te gaan met het toedienen van chloorhoudende Kali in het voorjaar. Voldoende verse Kali maakt dat de Ramos minder gevoelig is voor rooischade.
Magnesium/
Mangaan:
Ramos is Magnesium- en Mangaanbehoeftig. In de bladontwikkelingsfase is het aan te bevelen om mangaan toe te dienen. Hierna kan magnesium worden toegediend.


GEWASBESCHERMING

Onkruidbestrijding
Ramos is vrij ongevoelig voor metribuzin (Sencor). De voorkeur gaat uit naar een vooropkomst bestrijding van dit middel. Een na opkomstbespuiting is ook mogelijk.

Phythophthora bestrijding
Ramos heeft een vrij goede resistentie tegen Phytophthora in de knol en een matige resistentie in het loof. Hierdoor is een regelmatige bespuiting noodzakelijk. Geadviseerd wordt een normaal spuitschema aan te houden.

Loofdoding
Ramos heeft de eigenschap om in een korte periode af te rijpen. Na loofdoding is het belangrijk om de knollen voldoende te laten afharden.

Alternaria
Ramos is vrij gevoelig voor Alternaria.


INSCHUREN EN BEWARING

Tijdens het rooien de schudders zo weinig mogelijk gebruiken en de valhoogtes tot een minimum bepreken. Dit geldt ook voor het inschuren.

Ramos heeft een lange kiemrust, waardoor goede ervaringen zijn geboekt met uitsluitend gassen. Het gebruiken van kiemremmingsmiddelen tijdens het inschuren is ook mogelijk.

Drogen:
Zodanig ventileren dat de partij snel droog is en droog blijft. Dit ook ter voorkoming/ beperking van zilverschurft. Probeer de partij daarom tijdens het drogen op een redelijke temperatuur (14 - 18° C) te houden.
Bij een bewaartemperatuur van 6 °C kan bij de Ramos een goede verwerkingskwaliteit worden gehandhaafd.

Omdat men nooit zeker is hoe het fysiologische stadium van de knollen is gesteld op het oogsttijdstip is het veiliger een glijdend bewaarregime van 14 -> 6,5 -> 14°C na te streven.
Een glijdend temperatuurregime kenmerkt zich door na de wondheelperiode, bij 14°C, geleidelijk af te koelen met ongeveer 1°C per week naar een niveau van 6,0°C. Bij aflevering voor januari wordt geadviseerd de aardappelen niet verder terug te koelen dan 10°C.

De bewaartemperatuur wordt in de winterperiode zo constant mogelijk gehandhaafd. Om CO2-ophoping te voorkomen wordt geadviseerd iedere dag lucht te verversen. Dit kan bijvoorbeeld door 10 minuten per dag extern te ventileren rekening houdend met de buitentemperatuur.

In het voorjaar wordt weer begonnen met een geleidelijke temperatuurstijging met ca. 1°C per week naar maximaal 14°C.

Met deze bewaarfilosofie kunnen grote temperatuurschommelingen worden voorkomen.