Variabel spuiten

Variabel spuiten is het toepassen van verschillende vloeistofhoeveelheden op verschillende plekken. Variabel spuiten wordt toegepast tijdens ziektebestrijding, bemesting en loofdoding.

Variabel ziekte bestrijden:
Bij het bestrijden van ziektes moeten alle bladeren bedekt worden met gewasbeschermingsmiddel. Alle bladeren die niet bedekt worden, kunnen geïnfecteerd raken door schimmelziekten. Aardappelplanten groeien niet homogeen binnen een perceel. Er zijn plaatsen waar weinig of veel onbeschermd blad is. Aan de hand van gewassensing wordt de biomassa van elke plant bepaald en kan worden berekend hoeveel nieuw blad deze gevormd heeft. Op de hoeveelheid onbeschermd blad wordt de hoeveelheid gewasbeschermingsmiddel aangepast.

Variabel bemesten tijdens de gewasbescherming:
In combinatie met de gewasbescherming worden bladmeststoffen gespoten. Binnen een aardappelperceel zijn er grote variaties in bemestingstoestand van de plant. Aan de hand van gewassensing wordt de bemestingstoestand gemeten. Op deze toestand wordt de hoeveelheid bladmeststoffen aangepast.

Variabel loofdoden:
Aan het eind van het seizoen rijpt de aardappel af en sterft het loof. Om dit proces te versnellen wordt er loofdoding toegepast. Hierdoor worden de aardappelen huidvast en kunnen de aardappelen voor langere tijd bewaard worden. Normaal gesproken wordt er een standaard bespuiting uitgevoerd met drie liter reglone. Aan de hand van gewassensing wordt de biomassa van elke plant bepaald en kan er worden berekend welke planten al afgestorven zijn, en welke nog niet. De dosering kan hierop worden aangepast en de helft van het middel kan bespaard worden.