Stap 9: Gewasbescherming

Binnen een geïntegreerde vorm van gewasbescherming is het belangrijk dat de gewasbescherming om een goede en efficiënte manier verloopt zodat er geen gewasbeschermingsmiddelen verspild worden. Hiervoor zijn drie mogelijke opties: boom, sectie of dop aansturing, Spuiten op basis van BOS- systemen en variabel spuiten

Boom, sectie of dop aansturing
Door de grote werkbreedtes van spuitmachines wordt de spuitboombreedte van een veldspuit niet veel meer gebruikt. Overlap kan echter ook worden bespaard door de hele boom op tijd uit te schakelen. Spuitmachines krijgen een steeds grotere werkbreedte. De spuitbomen zijn verdeeld in secties die onafhankelijk van elkaar kunnen worden in- en uitgeschakeld. Wanneer een perceel een schuine kant heeft kunnen deze secties uitgeschakeld worden zodat er niet buiten het perceel gespoten wordt. De meeste spuitmachines hebben secties van drie meter. Daarnaast zijn er ook al spuitmachines die de spuitboom niet per sectie af kunnen sluiten maar per dop. Hierdoor kan er nog preciezer en efficiënter gespoten worden omdat er nauwelijks meer overlap is. Deze aansturing van boom, doppen of secties kan handmatig vanuit de tractor gebeuren of automatisch via het GPS systeem van de spuit. Door velden in te laden in het GPS systeem weet de spuit waar de perceelgrenzen lopen en wanneer een spuitboom buiten deze perceelsgrenzen komt zal deze sectie of dop worden afgesloten. Ook registreert de GPS waar er al gespoten is zodat ook hier de sectie of dop afgesloten kan worden en er geen overlap meer is.

Als een veldspuit is uitgerust met automatische sectiesluiting of dopafsluiting, is het ook belangrijk dat de veldgrenzen van een veld worden gemeten. Hierdoor wordt er nooit meer buiten het perceel gespoten, waardoor er minder gewasbeschermingsmiddelen in het oppervlaktewater terecht komen.




BOS- systemen
Een Beslissings Ondersteunend Systeem is een softwarepakket dat de teler helpt bij de gewasbescherming. Bij van den Borne maken we gebruik van een Dacom systeem.  Om de ziektedruk te bepalen en bijbehorend advies te kunnen berekenen maakt Dacom gebruik van de volgende gegevens:

  • Weersgegevens: Deze worden gemeten via de weerpaal (foto1 ) en daarnaast worden gegevens gebruikt van het KNMI.
  • Gewasgegevens: Deze worden gemeten in het veld met behulp van close sensing en remote sensing sensoren.
  • Spuitgegevens: Hierin worden registratiegegevens van Cloudfarm gebruikt aangevuld met spuitgegevens uit de spuitcomputer.


Aan de hand van al deze gegevens wordt berekend wanneer het weer gunstig is voor de ziekte om de plant te infecteren. Ook wordt er bekeken of de uitgevoerde bespuitingen nog voldoende werken. Hieronder is een BOS- systeem weergegeven, hierin is te zien welke velden er met wat voor soort middel gespoten moeten worden. Zo moet er op de rode velden direct actie ondernomen worden is is er op de groene velden geen acite nodig. 
 

Door het gebruik van deze BOS- systemen wordt er alleen gespoten als dit noodzakelijk is en wordt er ook altijd op het juiste tijdstip gespoten. Dit maakt de bespuiting zeer efficiënt en hoeft er minder gespoten te worden.

Variabel spuiten
Een normaal gewasbescherming advies is gebaseerd op het gehele perceel, de dosering moet dan ook op het hele percelen voldoende zijn. Dit wil echter niet zeggen dat de dosering ook op het hele perceel gelijk hoeft te zijn. Op basis van bodem en gewasdata kan de dosering worden aangepast op plekken waar minder gewas staat of er een andere bodemgesteldheid is. Hierdoor kan er ook gewasbeschermingsmiddel bespaard worden. Een voorbeeld hiervan is het variabel spuiten van een bodemherbicide. Een bodemherbicide kan zich binden aan lutumdeeltjes in de bodem en daardoor zijn werk minder doen. Als er meer lutumdeeltjes in de bodem aanwezig zijn wordt er meer middel gebonden en moet de dosering dus hoger. Op plekken met minder lutumdeeltjes, dus een lagere dosering. 

Een andere vorm van variabel spuiten is het Spot- spraying, dit is een techniek waarbij er alleen nog maar gespoten wordt op plekken in een veld waar er bijvoorbeeld een onkruid staat. Hierdoor kan er enorme besparing van gewasbeschermingmiddelen en daarnaast wordt het gewas minder geremd door de herbicidebespuiting. Een voorbeeld hiervan zijn de
camera systemen van bijvoorbeeld Agrifac en Steketee die zich richten op het herkennen van onkruiden met behulp van zelflerende software systemen. Op deze manier kan bij een onkruidbestrijding uitsluitend een bespuiting worden toegepast op de plek waar het onkruid groeit. In het figuur hieronder is te zien dat een camera systeem aardappelopslag in suikerbieten herkent